Codekraker Hitlerberichten dood

Over het hier en nu (nieuwsberichten, actualiteiten en dergelijke, in relatie met WOII)

Moderator: Mr Mojo Risin

Plaats reactie
Gebruikersavatar
platoz
Lid
Berichten: 479
Lid geworden op: 31 mar 2010, 19:38

Codekraker Hitlerberichten dood

Bericht door platoz »

Een van de laatste codekrakers van het beroemde Britse Bletchley Park is overleden. Jerry Roberts overleed na een korte ziekte op 93-jarige leeftijd.

Roberts werkte vanaf 1941 als Duits taalkundige voor het team dat de codeberichten van de Duitse legerleiding probeerde te kraken. Die berichten werden verstuurd met de Tunny-code, een versleuteling die nog moeilijker te ontcijferen was dan de bekendere Enigma-code.

Het team slaagde er in 1942 in de code te kraken en kon zo meekijken in de bevelen die Hitler naar zijn generaals stuurde. Roberts ging er later prat op dat hij sommige boodschappen eerder las dan de mensen voor wie ze bedoeld waren.

Volgens de BBC duurde de Tweede Wereldoorlog zeker twee jaar korter dankzij het werk van Roberts team. Zo hadden de geallieerden veel aan de onderschepte informatie bij de planning van D-Day.

Roberts zei later dat het team erin slaagde ongeveer 90 procent van de nazi-communicatie te lezen, zo'n 64.000 berichten.


Bron: NOS.nl
GROOTSTE MILITARIA BEURS VAN NEDERLAND: http://www.militariabeurshouten.com

"I have deep respect for the German soldiers. The Whermacht has a unique military tradition and they have proven their skills in warfare"

G. Patton, American general
Gebruikersavatar
Kugelblitz
Moderator
Moderator
Berichten: 4087
Lid geworden op: 02 apr 2008, 14:12
Gegeven: 1 keer
Ontvangen: 2 keer

Re: Codekraker Hitlerberichten dood

Bericht door Kugelblitz »

Nogal een zelfingenomen kerel, als je dit bericht mag geloven.
Laten we het vooral gezellig houden! :)
Qwas
Lid
Lid
Berichten: 19
Lid geworden op: 15 apr 2014, 19:08

Re: Codekraker Hitlerberichten dood

Bericht door Qwas »

Veelal wordt vergeten het zeer belangrijke werk dat de Polen al hadden verricht en mede geleid heeft tot de successen van de Engelse onderzoekers.
Hieronder een klein stukje geschiedenis daarover.



ENIGMA

Begin oktober 2000 stond in de krant de diefstal uit een Engels museum van een historisch codeerapparaat met de naam Enigma. De experts noemden een bedrag van 300.000 gulden als verkoopwaarde. Alras denk men dan aan een zeer ingewikkeld en moeilijk te vervaardigen precisie apparaat. Men bedoelde echter de gevoelswaarde, omdat het bedoelde apparaat een zeer belangrijke rol in de uiteindelijk overwinning van Nazi-Duitsland had gespeeld.
Om de relatieve zeldzaamheid van de Enigma machine in een juister daglicht te plaatsen weet de samensteller van dit artikel in Nederland drie adressen van normale burgers die zo’n apparaat in huis hebben. Om privacy redenen noem ik geen verdere gegevens.
De Enigma-apparaat is weliswaar een simpel, maar voor die tijd een zeer doelmatige codeermachine, dus een mechanisch versleutelapparaat, dat verder tot niets meer dan dat in staat was. Voor de verzending van een door de Enigma gecodeerd bericht was hetzij, een koerier, een telex of een radiozender nodig die in morseschrift het gecodeerde bericht verzond. Ter plekke van de ontvanger volgde dan in omgekeerde volgorde de ontcijfering, mits men de gebruikte schijvencode en/of de code van de dag wist. Niet uitsluitend het bezit van een Enigma apparaat, maar door het kunnen kraken van de code, dus het kennis nemen van de inhoud van een bericht, was de Britse inlichtingendienst in staat het Britse Oppercommando terdege te informeren.
Historisch onjuist is, dat de krantenberichten alleen veel eer aan de Engelse wetenschappers toeschrijven zonder het zeer belangrijke aandeel, vooral in de beginfase, van de Polen te noemen.

Patent.

In 1919 was het maken van een “Geheimschrijfmachine” de reden voor de registratie van een “Patent” door de Delftenaar Hugo Alexander Koch.
Na ampele overwegingen dat zijn idee, in de gepatenteerde vorm, wel uitvoerbaar maar niet praktisch was, heeft hij de verdere ontwikkeling niet ter hand genomen en kwam het na een zakelijke omweg in handen van de Berlijnse ingenieur Dr. Arthur Scherbius die als de ware pionier kan worden beschouwd. In juli 1923 is Scherbius dan ook het hoofd van de directie van de Chiffriermachinen Aktiengesellschaft kantoorhoudend in de Steglitzerstrasse 2 , Berlin W 35. Patenten werden ook in Duitsland en Engeland aangevraagd en verkregen. Het oorspronkelijk idee werd steeds verder ontwikkeld en verbeterd tot een goed werkend commercieel apparaat. Op congressen en beursen voor zakenlui werden deze aangemoedigd om hun zakelijke post te beveiligen met een dan goed werkende versie van het apparaat. Middels een folder is dit apparaat, de Enigma-D, openlijk te koop aangeboden en is o.a. ook naar het buitenland uitgevoerd. Door de malaise en het nog onbekende begrip ‘Industriële spionage” waren de verkoop resultaten zo slecht dat het geïnvesteerde kapitaal niet kon worden terug verdiend en de firma ging uiteindelijk failliet.
Uit die tijd (1926-1927 ) stamt ook een rapport van de toenmalige, zeer deskundige, Nederlandse Kapitein Koot van de Generale Staf die na een test van twee maanden tot de eindconclusie kwam dat: (ik citeer) “het volgens de toenmalige wetenschappelijke methodes onmogelijk is een document te decoderen tenzij men de gehele codeercode kent”. (einde citaat)
Enige regeringen, waaronder Japan, Polen en de Verenigde Staten van Amerika zagen echter wel het nut en de mogelijkheden van het apparaat en bestelden dan ook een exemplaar voor de prijs van 144 dollar plus verzendkosten. Speciaal de Duitse regering was zeer geïnteresseerd, dit in verband met het Verdrag van Versailles. Met het apparaat konden zij vrijelijk correspondentie voeren over allerlei, door het Verdrag verboden, militaire zaken. Een commerciële versie van de Enigma werd dan ook geplaatst op een marineschip en verregaand beproeft op zijn waarde. De Duitse Keizerlijke Marine had aldus als enige van de legeronderdelen, nog voordat Hitler aan de macht kwam, een Enigma aan boord. Dit was een logische beslissing want een schip op volle zee was toentertijd met een bericht alleen maar te bereiken via de ether door radio/zendinstallatie. Zoals u weet kan een ieder dan meeluisteren en de diverse inlichtingendiensten deden dat ook gretig. De gunstige uitkomst van deze Marine-test resulteerde nu in de ontwikkeling van een eigen militaire versie en de verkoop en uitvoer naar het buitenland van de commerciële versie werd gestaakt.
Zelfs één aan een Poolse firma verzonden, maar nog bij de Poolse douane aanwezig, apparaat werd met een zeer dringend gestelde verklaring terug verlangd. De, ook toen al, altijd alerte en achterdochtige douane werd daardoor nieuwsgierig vooral door de vermelding “Radioapparaat” op de douaneverklaring en nam contact op met de Poolse inlichtingendienst. Doordat het weekeinde begon gaf dit de Poolse technici van deze dienst de nodige tijd om het pakket te openen en het apparaat intensief te onderzoeken. Toen dan ook op 15 juli 1928 de eerste in code gestelde berichten door de Duitse militaire zendstations de ether in werden gezonden, luisterden en schreven de telegrafisten van de Poolse inlichtingendienst mee op de luisterstations te Poznań, Krzlawice en Starograd.
De uitermate bekwame cryptologische dienst deed alle moeite om de gecodeerde tekst om te zetten in klare tekst maar moest na zekere tijd opgeven.
Alle tot dan gebruikte methodes van ontcijfering faalden bij dit nieuwe systeem.
Voor de Poolse inlichtingendienst was dit een niet te accepteren situatie, men moest koste wat kost zicht houden op de toen reeds weer labiele politieke situatie. De jarenlange ondervinding als gevolg van de geografische ligging van Polen, liggend tussen het expanderende Sowjet-Rusland en het, door het Verdrag van Versailles, vernederde en op revanche beluste Duitsland gaf hun alle rede daartoe.
Tot dan toe konden de van oudsher reeds zeer deskundige Poolse cryptologen de bestaande codes ontcijferen. Door de grote hoeveelheid mogelijkheden van de Enigma om een bericht te coderen was het met de bestaande kennis uitgesloten om deze berichten te decoderen. Men trok daarom een groep wiskunde studenten aan van de Universiteit van Poznań die ook de Duitse taal volkomen moesten beheersen en gaf hen een afstudeerproject, betrekking hebbend op de cryptologie zonder nadere achtergronden te noemen. Een daartoe geëigende maar volkomen afgezonderde en beveiligde zaal in een oude kazerne, Fort Grolmann, aan de rand van de stad werd daartoe aangewezen. De meest begaafde studenten, die al tijdens dit afstudeerproject blijk gaven te beschikken over de juiste instelling en inzicht, traden daarna als cryptoloog in actieve dienst van de Poolse inlichtingen dienst, afdeling cryptologie, het zgn. Biuro Szyfrów (B.S.) onder leiding van Kolonel Gwido Langer. De afdeling die speciaal het Duitse berichtenverkeer en de ontcijfering daarvan behartigde, was B.S.– 4 (codenaam Wicher) onder leiding van de energieke Kapitein K. Sobecki. De Poolse inlichtingendienst kwam niet alleen verbazingwekkend snel achter de werkwijze van het apparaat, maar bouwde ook zelf een apparaat. Onder de supervisie van Majoor Ciezki en de technische leiding van Palluth werd in de AVA fabriek te Warschau zelfs een serie op stapel gezet. Op het moment dat op 1 september 1939 de Duitse inval in Polen begon was men reeds in het bezit van meer dan 15 machines. De vervaardiging van de Poolse pionierversie van de Enigma was met de grootst mogelijke geheimhouding omgeven en alleen bekend bij B.S.– 4. De AVA fabriek vervaardigde alleen onderdelen, waarna op een afgezonderde andere plaats door beëdigde personeelsleden van B.S.– 4 de montage werd uitgevoerd. Een andere Poolse codeermachine was de Bomba, die beschouwd kan worden als zes gecombineerde Enigma machines. De Zyklometer was eveneens een variant op de Enigma machine. Nog een ander Pools ontwerp was de L.C.D., de Lacida, waarvan de naam samengesteld was uit de eerste twee letters van de namen der drie constructeurs, Langer, Ciężki en Danilewicz en werd eveneens in de AVA fabriek gebouwd.
In 1937 is de B.S. opgesplitst en de Duitse afdeling, B.S.– 4, naar Pyry buiten de stad verplaatst. Had het intensieve werk van de wiskundigen en cryptologen reeds in september 1932 geleidt tot een oplossing van de Duitse Marinecode, kort voor de machtsovername in Duitsland door Hitler in januari 1933 was het berichtenverkeer met de toen gebruikte Enigma instellingen geen geheim meer voor de Polen. Met de Franse cryptologische dienst, de Service de Renseignement (S.R.) onder leiding van Kapitein Gustave Bertrand (codenaam Bolek), bestond een beperkte samenwerking. Bertrand ontving van een altijd mysterieus gebleven bron aan Duitse zijde die de codenaam Aché kreeg, (de naam doet denken aan een afkorting van Attaché, vermoedens bestaan dat iemand van de spionagegroep “Schwarze Kapelle” werkzaam in het Vaticaan te Rome hier debet aan was) op willekeurige tijden allerlei geheime gegevens. Vanwege de toekomstige gemeenschappelijke vijand gaf Bertrand deze informatie, met inachtneming van eigen dienstbelangen, ook mondjesmaat aan de Polen.

This is the Prime Minister speaking to you from the cabinetroom . This morning the British ambassador in Berlin handed the German Government a final note speaking that unless we heard from them by eleven o’clock that they will prepared at once to withdraw their troops from Poland, a State of War would exist between us. I have to tell you now that no such undertaking has been received and that consequently this country is at War with Germany.

(Neville Chamberlain, 3 september 1939)


Na het definitieve begin van de Tweede Wereldoorlog, met de inval in Polen om 4.45 uur in de ochtend van 1 September 1939, gevolgd door de eveneens verraderlijk laffe inval door Sowjet-Rusland, werden de mogelijkheden voor de Poolse inlichtingendienst aanzienlijk beperkt, vaak totaal geblokkeerd. Reeds vroegtijdig, begin 1939, waren veel belangrijke Poolse cryptologen en technici naar o.a. Roemenië maar ook naar Frankrijk verplaatst en zetten daar in samenwerking met de Fransen hun werk voort. Na de meer en meer verontrustende binnenkomende berichten werd op 9 en 10 januari 1939 te Parijs een vergadering belegd met twee Poolse, twee Franse en drie Britse inlichtingen-officieren als deelnemers. De uitwisseling van gegevens, en de in verband daarmee gemaakte afspraken heeft een verdere oplossing van de toestormende problemen in positieve zin beïnvloed. De gehele Franse militaire inlichtingendienst werd nu circa 40 km zuidoost van Parijs gehuisvest in het gebied Gretz-Armainvilliers. Hun onderkomen bestond uit twee ruime landgoederen met de namen, Château Péreire (codenaam PC Victor, Poste de Commandement Victor) en Château Vignolles (codenaam PC Bruno). Op Château Vignolles was de radio afluisterdienst en de decodeerdienst gevestigd met een gecombineerde groep van Polen, Fransen en Spanjaarden. De Poolse groep, in aantal de meerderheid en de ruggengraat, werd nog steeds aangeduid met de naam Groep “Z”, de oude in Polen gebezigde aanduiding. De Spanjaarden, 7 in aantal, gevlucht uit Spanje na de nederlaag van het Republikeinse leger in de Spaanse burgeroorlog, werd aangeduid als Groep “D”. Voor de gehele groep waren slechts 3 Enigma machines voorhanden, 2 stuks door de Polen meegenomen en 1 afkomstig van de Fransen. Om dit te kort aan middelen op te heffen bestelde Kapitein Bertrand in november 1939 bij een Parijs fijnmechanisch bedrijf 40 stuks. De Polen maakten daartoe, om elke fout te vermijden, technische tekeningen op een schaal van 1:1. Het mechanisch bedrijf moest alleen de losse onderdelen leveren conform de detailtekeningen en had daardoor geen idee waartoe de delen moesten dienen. Assemblage zou door het personeel van PC Bruno geschieden. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog vertraagde echter de levering aanzienlijk. De Poolse cryptologen van PC Bruno waren zeer succesvol gezien de geboekte resultaten. Alleen al in de belangrijke en cruciale periode tussen 11 april en 12 mei 1940 wisten zij 768 berichten te ontcijferen waarvan velen meerbladig waren tot soms 30 bladzijden. Toen om precies 5.45 uur in de morgen van 10 mei 1940 de grote Duitse aanval op het westen begon die, zoals de Führer Adolf Hitler in een rede verkondigde, “Der heute beginnende Kampf enscheidet das Schicksal der deutschen Nation für die nächsten tausend Jahre.....”, kon PC Bruno gewoon doorwerken. Weliswaar hadden de Duitsers, voorafgaand aan deze nieuwe grote veldtocht, hun Enigma apparaten opnieuw anders ingesteld en was het meelezen voor de Polen voorlopig weer een probleem, er was nog genoeg achterstallig materiaal dat ontcijferd moest worden. Eerst toen de opmarsrichting van de Duitse pantserspitsen een bedreiging voor Parijs en dus ook voor het gebied van PC Bruno ging worden met daarbij de ongewenste belangstelling van Duitse verkenningsvliegtuigen voor de zendmasten en het antennepark, werd het veilig stellen van de groep besproken. Dit had tot gevolg dat de drie Poolse wiskunde-cryptologie genieën, Marian Rejewski, Henryk Zygalski en Jerzy Różycki naar het Deuxième Bureau Centrale (Franse geheime dienst) in de Parijse Avenue de Tourville 2bis werden overgeplaatst. Vanwege de schreeuwend dringende behoefte aan informatie bleven de anderen koortsachtig door werken. Op 9 juni 1940 kwam alsnog van de generale staf het bevel om PC Bruno op zeer korte termijn te verplaatsen. Bertrand vorderde een autobus en een 5 tonner vrachtwagen om de 80 man personeel, de apparatuur en alle akten en documenten te verhuizen. De vaste zaken en het antennepark werden met springstof opgeblazen. Om 01.40 uur op 10 juni 1940 werd de reis begonnen naar het dorp La Ferté-Saint-Aubin ongeveer 30 km zuidelijk van Orléans, zoals was bevolen. Onmiddellijk na aankomst zijn de cryptologen weer begonnen met hun belangrijk werk. Na vier dagen van improvisatie moest wederom ingepakt worden. Na meerdere verplaatsingen hoorde men op 22 juni 1940 te Bon Encontre dat Maarschalk Pétain een wapenstilstand had ondertekend. Bertrand die in Toulouse was aangekomen zag kans om 15 man Pools personeel en de 7 Spanjaarden op 24 juni om 10.05 uur met drie vliegtuigen te laten vertrekken naar Oran met kapitein H. Braquenié als begeleider. Hun aankomst aldaar om 15.25 uur bleef onopgemerkt. Op 28 juni 1940 maakte zij een laatste radioverbinding met MI6 te Londen om zich af te melden.

P.C. Cadiz

De inmiddels tot Majoor bevorderde Bertrand nam reeds op 8 juli 1940 contact op met zijn meerderen en lanceerde het idee om in het geheim weer te starten met de afgebroken werkzaamheden. Hij benadrukte daarbij de onmisbaarheid van de Poolse groep “Z” en de Spaanse groep “D”. Het resultaat was dat de Poolse groep, die nog steeds onder leiding stond van de Poolse Majoor Langer, organisatorisch bij afdeling 2 van de Poolse Generale Staf van de Opperbevelhebber te Londen zou vallen en aangeduid werd als Ekspozytura 300 hetgeen vrij vertaald betekend, Buitenpost 300. Vanwege de meerdere mogelijkheden, ondanks de aanwezigheid van veel Duitse controle diensten en spionnen, werd de Vrije Franse Zone (Vichy regering) als relatief veilig gebied gekozen. Om bij voorbaat alle geruchten en verdenkingen uit te sluiten kocht majoor Langer, zich voordoend als de zakenman Monsieur Barsac, de grote villa Les Fouzes in het kleine plaatsje Uzès. In het geheim werd het nieuwe onderkomen geschikt gemaakt voor de komende drukke werkzaamheden. Na diverse anonieme omzwervingen kon het naar Noord Afrika uitgeweken ex- P.C. Bruno personeel, voorzien van uitmuntende valse papieren, via een nog steeds bestaande reguliere scheepvaartdienst naar Frankrijk terugkeren. Het station kreeg nu de codenaam P.C. Cadiz en werkte spoedig weer op hoogspanning. De groep bestond opnieuw uit een Poolse groep “Z” met 15 medewerkers, de Spaanse groep “D” met 7 medewerkers en een Franse Staf die zich zeer intens bezighield met het berichten verkeer d.m.v. zend / ontvangers in samenwerking met geheime stations (Kouba en Rygor) in Noord Afrika en Londen. Het keerpunt voor P.C. Cadiz kwam, omstreeks begin 1942, na het ontvangen en ontcijferen van informatie over de voorgenomen Duitse bezetting van de Vrije Franse Zone (Operatie Attila). Onmiddellijk werd dit naar de Engelse inlichtingendienst doorgeseind. Deze adviseerde om in dat geval de medewerkers over de grenzen te laten ontkomen naar bijv. Frans Noord-Afrika. Ook werden enige kustplaatsen, met name genoemd, als voorlopige schuilplaats om later vandaar uit per schip te kunnen vluchten. Toen de bezetting van de Vrije Zone dan ook op 11 november 1942 begon werd door de betrokken Duitse diensten onmiddellijk de jacht op het personeel van alle bekende inlichtingengroepen geopend. Voor veel P.C. Cadiz medewerkers is dit dramatisch afgelopen. De Poolse groepsleiders Langer en Ciężki zijn in maart 1943 in de Pyreneeën door de Gestapo overvallen, uitputtend zwaar verhoord om uiteindelijk met veel anderen in het SS -Sonderlager Schloss Eisenberg bij Bruex in het Sudetenland te worden opgesloten. Zij haalden het einde van de oorlog. Twee belangrijke specialisten Marian Rejenski en Henryk Zygalski zijn na een tocht over de Pyreneeën, opsluiting in Spanje, omzwervingen in Portugal, uiteindelijk na afspraak opgepikt door een oorlogsschip voor de kust van Portugal en gebracht naar Gibraltar. Op 2 augustus 1943 vertrokken zij vandaar met een Dakota en landen na een vlucht van negen uur in Engeland. Na de gebruikelijke ondervraging door de MI5 zijn zij ingezet bij de Poolse Sectie “N” te Stanmore/Boxmoor. Niet dus bij enige Engelse afdeling waarmee zij zo intens hadden samengewerkt. Het bleek hen al spoedig dat alles wat het Enigma-systeem betrof door de Engelse geheime dienst was gemonopoliseerd.
Het enige Enigma-apparaat dat nog bij de groep in gebruik was (samengesteld uit reservedelen), is na de bezetting van de Vrije Franse Zone op 11 november 1942, door P.C. Cadiz medewerkers begraven en pas na de oorlog naar Engeland gebracht. Dit apparaat staat nu in het Sikorski Museum te Londen.

Engeland.

In Engeland kwamen de werkzaamheden bij het uitbreken van de oorlog ook in hoogste versnelling, vooral na alle verontrustende informatie. Wetenschappers, samen met schakers en taalkundigen, werkten als bezetenen in Bletchley Park, beter bekend als Station X, aan de oplossing van het Duitse codeersysteem dat duizenden mogelijkheden in zich had. In de literatuur wordt in dit verband de namen van Alan Mathison Turing en Gordon Welchman als de top wetenschappers bij het zoeken naar een oplossing met regelmaat genoemd.
Een onverwacht maar zeer welkome hulp was het kortstondig enteren, in mei 1941, van de Duitse onderzeeboot, de U-110 onder bevel van de ondernemende en moedige Kapitänleutnant Fritz Julius Lemp. Deze volgde een konvooi van 38 koopvaardijschepen geladen met troepen, kanonnen en tanks. Enige schepen werden een prooi van zijn torpedo’s, maar zijn periscoop werd opgemerkt door een korvet die onmiddellijk met grote precisie een salvo dieptebommen afvuurde. Daardoor gedwongen kwam de U-110 aan het oppervlak en werd meteen vanaf de torpedojagers en korvetten hevig onder vuur genomen. Op het moment dat de torpedojager Bulldog, onder commando van John Baker-Cresswell, de U-110 wilde rammen sprong de Duitse bemanning overboord.
Baker-Cresswell realiseerde zich nu plots dat hij de kans had om de U-110 te enteren, een daad die bij de Britse Admiraliteit de hoogste prioriteit genoot. De enterploeg van de Bulldog trof de U-110 geheel verlaten aan zonder een spoor van vernieling van de radio-installatie, de codeboeken, de lijst met verzonden en ontvangen berichten en de technische handleiding. Het belangrijkste was echter een complete Enigma met de aanwijzingen voor gebruik, de sleuteltabellen en reservedelen. Met de U-110 op sleeptouw werd koers gezet naar IJsland, maar op 10 mei 1941 werd het duidelijk dat deze haven niet gehaald zou worden. De U-110 maakte snel water en zonk ‘s avonds naar zijn laatste rustplaats. Om niet aan eventuele spionnen te laten merken dat door entering belangrijk materiaal was verkregen toonde de Bulldog bij het binnenvaren van de vlootbasis Scapa Flow de wimpel: “Duikboot tot zinken gebracht”.
Het waarom van de voorkeur tot enteren is duidelijk. Nagenoeg alle Duitse marineschepen, althans de leidende, hadden een Enigma aan boord en daardoor dus ook een zend/ontvanger plus een “Funker” (radiotelegrafist). Alle onderzeeboten, die dus organisatorisch aan het eind van de berichtenlijn zaten, hadden allen een Enigma aan boord. Daarvan bestaan foto’s. Op het land waren ook alle belangrijke knoop- en eindpunten in het berichtenverkeer voorzien van een apparaat. Het verkrijgen van een lijst met afspraken over de geheime (dag) codes en handleidingen was dan ook voor elke tegenstander van het allerhoogste belang.
Het is Station X uiteindelijk gelukt de cryptologische eindoplossing te vinden en apparatuur te maken om het berichtenverkeer van het Duitse leger en andere Duitse diensten snel in klare tekst om te zetten. Dit gebeuren, dus het vinden van een mathematische methode voor het oplossen van ingewikkelde gecodeerde berichten, kreeg de naam ‘Ultra’ en is van ultiem belang geweest in de oorlogvoering met Duitsland. Nog steeds ligt, met name in Engeland, een embargo op het onderwerp ‘Ultra-Enigma’, waarbij ‘Ultra’ dus staat voor het vinden van de mathematische methode.
Het embargo heeft dus uitsluitend betrekking op de methoden die werden gebruikt bij de cryptologische oplossing en niet op kennis van de Enigma machine.
De in Engeland ontwikkelde decodeermachine heeft / had de omvang van een flinke huiskamer en uitgevoerd met de toenmalige nieuwste ontwikkelingen op technisch en elektrotechnisch gebied welke later ook in de commerciële communicatieapparaten toegepast werden.
Zoals u reeds hebt begrepen waren vooraf de Polen, de Fransen en de Spanjaarden in zeer grote mate hierbij betrokken. De ingewijden stellen dan ook dat, zonder het reeds vroegtijdig begonnen werk van de Poolse inlichtingendienst, meer in het bijzonder de uitermate bekwame cryptologische afdeling daarvan, de Engelsen niet op tijd klaar waren geweest. De diverse veldslagen zouden door het ontbreken van voorkennis anders zijn verlopen en daarmee waarschijnlijk ook de vorm van de einduitslag van de oorlog.
Ook in Japan werd na het bestellen en ontvangen van de Enigma, het apparaat uitvoerig bestudeerd. Dit resulteerde in het ontwerpen en bouw in 1937 van een eigen versie, het model “97-shiki-O-bun In-ji-ki”, vertaald in gewoon Nederlands “Alfabetische Typemachine 97". Deze werd al spoedig door de Amerikanen ‘Purple’ genoemd en loopt als een rode draad door de Amerikaanse krijgsgeschiedenis tot aan de atoombommen op Japan. Vreemd genoeg was, ondanks de beperkte middelen, de Nederlands-Indische inlichtingendienst zeer succesvol met het breken van gecodeerde Japanse berichten en had reeds vroegtijdig een goed inzicht in de oorlogsbedoelingen van de Japanse oorlogszuchtige regering.

Het apparaat.

Wat was nu eigenlijk de uitzonderlijkheid van de Enigma machine.
Was tot dan sprake van een zekere wiskundige wetmatigheid bij het coderen en decoderen van een bericht volgens de gangbare methoden, en na verloop van tijd dus te breken, bij de Enigma waren de mogelijkheden van letteromzetting bij een standaard machine met 3 rotoren en 1 omkeerschijf al duizelingwekkend. Het apparaat had een houten kast met, afhankelijk van de uitvoering, de circa afmetingen in gesloten toestand van 50x40x30 cm.. Na het openklappen van de deksel was de hoogte nog circa 22 cm. Vooraan, aan de zijde van de operateur waren toetsen, gerangschikt zoals op een ouderwetse schrijfmachine. Daarachter lagen, gelijk met het oppervlak van de afdekking, letters die vanonder af konden worden verlicht d.m.v. normale zaklantaarnlampjes. Als laatste zag men 3 dunne schijven, met in de omtrek 26 uitsparingen, gedeeltelijk door de afdekking steken met naast iedere schijf een kleine opening in de afdekking. Ieder van deze schijven (rotoren) kon in 26 verschillende standen worden gedraaid. Op de omtrek van dat deel van de rotor dat onder de afdekking viel, waren de 26 letters van het alfabet gegraveerd en de aflezing volgde door de kleine opening. Elke rotor had, concentrisch met de hartlijn van de rotor, aan één zijde 26 contactvlakjes en aan de andere zijde 26 verende contactpennen, allen gemonteerd in elektrisch isolerend materiaal. In de rotor waren alle contactvlakjes elektrisch met de verende contactpennen schijnbaar willekeurig verspringend verbonden. Deze versprongen verbindingen waren mathematisch beredeneerd, zodat geen van de drie naast elkaar liggende rotoren een zelfde configuratie bezat.
Dus contactvlakje nummer 1 (A) was bijv. verbonden met verende contactpen nummer 8 (H), enzovoort. Na het tegen elkaar plaatsen van de drie rotoren op een gemeenschappelijke centrale as, waarbij de gegraveerde letters in de omtrek volgens afspraak in een bepaalde stand gerangschikt werden, zal dus een elektrische stroom zigzaggend door de drie rotoren gaan. Tegen het eind van de derde rotor is een zgn. omkeerschijf geplaatst. Deze heeft maar aan één zijde contactpennen, die eveneens willekeurig onderling verbonden zijn. De elektrische stroom wordt hiermee terug geleid naar rotor drie en gaat nogmaals zigzaggend door de drie rotoren en laat tenslotte het lampje oplichten dat verbonden is met het contactvlakje van de eerste rotor.

Indien de operateur nu op een toets bv. A drukt dan lichtte het lampje onder bijv. K op. Deze letter wordt dan op papier genoteerd waarna de volgende letter werd getypt. Elke verandering, na afspraak, van de onderlinge stand der rotoren zorgt dus voor een totaal andere code.
De enorme mogelijkheden werden in de militaire uitvoering van de Enigma-M nog vergroot door elke rotor en ook de omkeerschijf te voorzien van een tweede concentrisch geplaatste set van contactvlakjes en contactpennen, eveneens willekeurig elektrisch met elkaar verbonden. Deze set was doorverbonden naar een stekkerpaneel dat veel leek op de ouderwetse telefooncentrales waar dames naar wens een verbinding maakten door een snoer met stekker in een van de vele stekkerbussen te steken. Op de militaire Enigma-M waren dus 26 stekkerbussen die boven aan de afdekking gesitueerd was maar bij bepaalde types ook wel aan de verticale voorzijde. Door ook nog het aantal rotoren met enige hulprotoren uit te breiden werd de codeer mogelijkheid duizelingwekkend. Natuurlijk kon ieder legeronderdeel, politiedienst, ambassade of andere belangrijke instelling niet met willekeurige rotor-instellingen gaan werken. Daarvoor bestonden voorschriften, sleuteltabellen en ook op datum gebaseerde afspraken, allen natuurlijk met de hoogste geheimhouding omgeven. Toch werd aan het eind van de oorlog het onbehagen bij het Duitse Opperbevel groter door de velen mislukte militaire operaties. Bij het voorbereiden van de laatste grote veldslag die de Duitsers hebben uitgevoerd, het Ardennenoffensief, heeft Hitler dan ook bevel gegeven om niets via de radio door te geven. Het offensief was dan ook voor de geallieerden een volkomen verrassing die uiteindelijk voor de Duitsers toch nog slecht afliep.
In de loop van de oorlog zijn van de Enigma machine, in allerlei uitvoeringen, meer dan 100.000 apparaten gebouwd voor de drie legereenheden WH, WL, WM, de SD en de SS.
Naast de hierboven genoemde werkzaamheden is onnoemlijk veel gepresteerd door zeer veel andere geheime zenders, hulp- en steunposten. Geschat wordt, dat gedurende deze jaren, circa 1500 tot 2000 geheime zenders en speciale luisterposten van inlichtingendiensten in het bezet gebied hebben gewerkt. De Enigma en de andere verder ontwikkelde codeermachines zijn pracht apparaten, maar hoewel de apparatuur wel belangrijk is als gereedschap, uiteindelijk is de mens daarachter, als actienemer en uitvoerder doorslaggevend.

Bibliografie.

Voor diegene die na het lezen van deze summiere samenstelling uitgebreider wil kennis nemen van deze wereld van vernuft, intrige, misleiding maar ook gevaar, hierbij enige titels.
“Geheimoperation Wicher”. Polnische Mathematiker knacken den deutschen Funkschlüssel
>>Enigma<<, geschreven door Władysław Kozaczuk.
Die deutschen Funkpeil-und-Horch-Verfahren bis 1945. Door Fritz Trenkle.
“Ultra goes to war. The Secret Story. Door Ronald Lewin.
The Ultra Secret. Door Frederick W. Winterbotham.
The Double-Cross System. Door J.C. Masterman.
Most Secret War. Door R.V. Jones.
The Codebreakers. Door David Kahn.
A Man Called Intrepid. Door William Stevenson.
From Polish Bomba to British Bomb. Door Gordon Welchman
Nishi No Kaze, Hare. Nederlands-Indische inlichtingendienst contra agressor Japan. Door Robert D. Haslach.
Verder is het in Engeland verboden boek, vallend onder de “Official Secrets Act”, geschreven door Gordon Welchman met de titel “The Hut Six Story: Breaking the Enigma Codes” een aanrader. Is vreemd genoeg wel verschenen in de USA.

Groet van Qwas
Gebruikersavatar
panzerboy
Lid
Berichten: 335
Lid geworden op: 29 mar 2013, 10:48

Re: Codekraker Hitlerberichten dood

Bericht door panzerboy »

een klein stukje :bonk: hahaha
Gebruikersavatar
platoz
Lid
Berichten: 479
Lid geworden op: 31 mar 2010, 19:38

Re: Codekraker Hitlerberichten dood

Bericht door platoz »

Bedankt voor de aanvulling Qwas. Heb het met interesse gelezen.
GROOTSTE MILITARIA BEURS VAN NEDERLAND: http://www.militariabeurshouten.com

"I have deep respect for the German soldiers. The Whermacht has a unique military tradition and they have proven their skills in warfare"

G. Patton, American general
Plaats reactie